Niet gecategoriseerd

Aseksualiteit en het aseksuele spectrum begrijpen

Aseksualiteit is een seksuele oriëntatie waarbij iemand geen of weinig seksuele aantrekking ervaart. Dat bepaalt niet of je verliefd wordt, aanraking fijn vindt of seks hebt. Sommige mensen gebruiken ‘aseksueel’ als label voor zichzelf, anderen kiezen een specifiekere term uit het aseksuele spectrum.

Wat betekent seksuele aantrekking?

Het gaat erom dat je je seksueel tot iemand aangetrokken voelt. Dat is iets anders dan iemands uiterlijk mooi vinden of graag in diens buurt zijn. Ook lichamelijke opwinding en de bewuste keuze om wel of geen seks te hebben, vertellen op zichzelf niet welke oriëntatie iemand heeft.

De Duitstalige informatiebrochure van AktivistA legt deze verschillen en de diversiteit binnen het spectrum uit. Een label kan je ervaring begrijpelijker maken; het schrijft niet voor hoe je je moet gedragen.

Het aseksuele spectrum in het kort

Begrip Waar het over gaat
Aseksueel Geen of nauwelijks seksuele aantrekking; ook een overkoepelend label dat mensen voor zichzelf gebruiken.
Grijsseksueel Seksuele aantrekking bijvoorbeeld zelden, in geringe mate of alleen onder bepaalde omstandigheden ervaren.
Demiseksueel Seksuele aantrekking kan pas ontstaan na een emotionele band. Die band is geen garantie dat dit gebeurt.
Alloseksueel Een term voor mensen buiten het aseksuele spectrum, zonder iets vast te leggen over hoe vaak zij aantrekking ervaren of wat zij doen.

Dit overzicht is geen rangorde. Demiseksueel betekent ook niet simpelweg dat je wilt wachten met seks: het ene gaat over aantrekking, het andere over een keuze. Je hoeft niet alle termen te kennen of je ervaringen in een vast getal uit te drukken.

Aseksueel en aromantisch zijn niet hetzelfde

Aromantisch gaat over romantische aantrekking. Aseksuele mensen kunnen verliefd worden, maar ook geen romantische aantrekking ervaren. Zoals Stonewall uitlegt, kun je uit iemands seksuele oriëntatie niet afleiden wat voor relatie diegene wil. Aseksualiteit is ook niet hetzelfde als vrijwillig afzien van seks.

Een verzonnen voorbeeld: Paula kijkt uit naar avonden samen met haar partner, plant graag reizen met z’n tweeën en noemt zichzelf aseksueel. Een vriend zegt: ‘Maar jullie zijn toch een stel?’ Paula hoeft haar relatie niet anders vorm te geven om haar zelfomschrijving begrijpelijker voor hem te maken. Ze zou kunnen antwoorden: ‘Mijn relatie bewijst niet hoe ik seksuele aantrekking ervaar.’

Als je op zoek bent naar een woord dat bij je past

Misschien lees je een definitie en herken je er iets in, maar twijfel je bij een andere. Je kunt het voorlopig in je eigen woorden beschrijven: ‘Ik word verliefd, maar seksuele aantrekking ken ik tot nu toe nauwelijks.’ Of: ‘Ik weet nog niet of dit woord bij mijn ervaring past.’ Je hoeft niemand een definitief antwoord te geven.

Het kan helpen om een concrete situatie te beschrijven in plaats van jezelf te vergelijken met een vermeend ideaalbeeld. Wat voelde je, wat wilde je en wat heb je daadwerkelijk gedaan? Die antwoorden hoeven niet overeen te komen. Je hoeft geen test te doorstaan.

Hoe je kunt reageren op iemands zelfomschrijving

Als iemand je vertelt over diens aseksualiteit, hoef je niet naar eerdere seksuele ervaringen te vragen. Een eenvoudig ‘Dank je dat je dit met me deelt’ geeft diegene de ruimte. Je kunt vragen of die persoon er iets over wil vertellen, of dat het op dit moment genoeg is als je luistert.

‘Je hebt gewoon nog niet de juiste persoon ontmoet’ schuift de verklaring juist door naar een toekomst die jij niet kent. Een mogelijk alternatief is: ‘Ik neem serieus hoe je jezelf nu omschrijft.’ Ook als iemand later andere woorden gebruikt, was de eerdere omschrijving geen belofte aan jou.

Wil je zelf meer weten, dan kun je de gelinkte informatie lezen zonder de ander tot jouw persoonlijke naslagwerk te maken. Je nieuwsgierigheid geeft je geen recht op intieme details.